Blaasontsteking
Blaasontsteking
Blaasontsteking komt geregeld voor bij onze huisdieren. Veel kleine beetjes plassen, druppeltjes bloed verliezen en pijn bij het plassen zijn symptomen die passen bij deze aandoening. Bij de mens zien we vaak een bacteriële blaasontsteking die na een kort kuurtje antibiotica weer weg is. Ook bij onze dieren zien we vaak dat bacteriën een rol spelen, maar zij zijn niet altijd de oorzaak van het probleem. Vaak spelen er nog andere factoren, die hieronder per diersoort genoemd zullen worden.
Hieruit zal blijken dat naast het onderzoek van de patiënt, ook onderzoek van de urine van uw hond of kat erg belangrijk is voor een gepaste therapie.
Hond
- Vooral bij de vrouwelijke hond zien we vaak een bacteriële blaasontsteking. We zien dan dat de bacteriën, die vaak via de plasbuis omhoog zijn gekropen, bepaalde stoffen om gaan zetten in de urine (ureum wordt omgezet in ammoniak, dit kun je soms ook ruiken). Dit zorgt er voor dat de urine in de blaas een hogere pH krijgt (en dus minder zuur wordt), waardoor bepaalde kristallen kunnen ontstaan. Deze kristallen heten struviet. Struviet en de bacteriën irriteren samen de blaaswand, waardoor de blaas gaat bloeden en verkrampt. Honden kunnen ook koorts krijgen als de infectie heftig is.
We moeten deze blaasontstekingen goed aanpakken, want als er lang niets aan gedaan wordt kan deze blaasontsteking overgaan in een nierbekkenontsteking. De therapie bestaat uit langdurig antibiotica, een urine verzurend dieet (hierdoor lost struviet op) en eventueel pijnstilling.
- Ook andere kristallen die de blaas kunnen irriteren komen voor bij de hond. Aangezien urine altijd wordt onderzocht onder de microscoop, kunnen we zien van welke kristallen er sprake is. Onder het kopje blaasstenen in het vorige menu wordt hier uitgebreid over gesproken.
Kat
- Bij katten kan het behandelen van een blaasontsteking nogal wat frustratie opleveren. Dit heeft er mee te maken dat de verschillende oorzaken, waardoor de ontsteking ontstaat, apart maar ook samen voor kunnen komen. Daarbij is er één oorzaak die wij als dierenarts moeilijk aan kunnen pakken: STRESS . Zoals sommige mensen bij spanningen last van hun darmen krijgen en anderen vastzittende schouders, zo kunnen katten last krijgen van een verkrampte blaas. We zien het vaak bij jonge gevoelige diertjes die weinig drinken. Het belangrijkste van de therapie is natuurlijk de oorzaak weg nemen, maar dit blijkt vaak moeilijk. Vooral omdat voor ons moeilijk te begrijpen is wat voor een kat stress oplevert. Het kan een nieuwe kat in de straat zijn, de buren die een kindje hebben gekregen of een verbouwing verderop. Er zijn medicijnen en verstuivers die de stress van de kat kunnen verminderen als we de oorzaak van de stress niet kunnen vinden. Verder kunnen we met medicijnen de blaas ontspannen en natuurlijk zorgen dat de kat voldoende vocht binnenkrijgt (met bijvoorbeeld natvoer i.p.v. brokjes).
- Ook kristallen komen bij de kat regelmatig voor. Struviet, maar ook calciumoxalaten worden veel gezien en moeten met dieetvoer en evt. antibiotica aangepakt worden (zie hiervoor weer het kopje blaasstenen).
- Bacteriële ontstekingen komen vaak secundair voor (als gevolg van een hierboven genoemde oorzaken), maar bij oudere katten zien we een bacteriële ontsteking ook wel eens als primaire oorzaak (evt. met struviet) en deze zal dan met antibiotica (en evt dieetvoer) worden behandeld.
Let wel op : is er ondanks de therapie onvoldoende verbetering te zien of valt uw hond of kat telkens terug in een blaasontsteking, dan is het raadzaam een echo van de blaas te laten maken om te controleren of er geen anatomische of functionele afwijkingen in de blaas te vinden zijn!
Openingstijden
Dinsdag 9.00 tot 19.00 uur
Woensdag 9.00 tot 19.00 uur
Donderdag 9.00 tot 19.00 uur
Vrijdag 9.00 tot 19.00 uur
Zaterdag 16.30 tot 17.00 uur
Zaterdag is inloopspreekuur
Maandag t/m Vrijdag
behandeling volgens afspraak