Knaagdieren
Chinchilla
Chinchilla
De chinchilla behoort tot de cavia- achtigen. De natuurlijke leefomgeving van de chinchilla is het Andesgebergte in Zuid- Amerika. Ter bescherming tegen sterk wisselende dag- en nachttemperaturen en de lage luchtvochtigheid hebben ze een dichte isolerende vacht.
Gedrag
Chinchilla’s zijn schemerdieren, overdag slapen ze vooral en tegen de avond worden ze actief.
Hierdoor zijn het geen geschikte huisdieren voor hele kleine kinderen.
Chinchilla’s zijn rustige dieren en makkelijk te hanteren. Van nature zijn het sociale dieren en kunnen ze het beste in een paartje of in een groepje gehouden worden. Een chinchilla die in zijn eentje wordt gehouden voelt zich niet prettig en wordt lusteloos en sloom.
Uiterlijke kenmerken
Chinchilla’s zijn ongeveer 30 cm lang, hun vol behaarde staart is gemiddeld 15 cm lang. Het gewicht ligt tussen 450 en 700 gram. De lichaamstemperatuur ligt tussen de 37,5 en 38,5 graden.
Een chinchilla wordt gemiddeld 15 jaar oud, maar ze kunnen nog wat ouder worden.
Aanschaf
Bij het aanschaffen van een chinchilla moet u op de volgende dingen letten:
- De oogjes moeten droog en helder zijn.
- Vacht: de vacht van een chinchilla is gelijkmatig zonder schilfers of klitten. De vacht moet niet vet aanvoelen.
- Gedrag: goed levendig en actief, niet bang.
- Ontlasting: goede droge keutels, diarree en te kleine keutels kunnen duiden op darmproblemen.
- Neus: goed droog, geen uitvloeiing uit de neus.
Huisvesting
Een goed formaat voor een kooi is 100x 50x 50 cm. Bij dierenspeciaalzaken zijn er standaard kamervolières verkrijgbaar die heel geschikt zijn voor chinchilla’s. De kooi moet helemaal van metaal gemaakt zijn zodat ze bestand zijn tegen de scherpe knaagtanden.
Chinchilla’s houden erg van klimmen, er moeten dus voldoende klimmaterialen in de kooi gezet worden. Hiervoor kunt u beukenhout, wilgenhout en takken van fruitbomen gebruiken. Er moet een slaaphok aanwezig zijn waar de chinchilla zich terug kan trekken. De beste omgeving om de kooi neer te zetten is een tochtvrije, rustige omgeving met een temperatuur van 15- 20 graden.
Als bodembedekking kunt u het beste houtkrullen of beukenhoutsnippers gebruiken.
Chinchilla’s hebben dagelijks behoefte om zich te wassen in een zandbad. Er is speciaal chinchillazand verkrijgbaar die in een zware stenen schaal op de bodem van de kooi gezet kan worden.
Water moet de hele dag beschikbaar zijn. De dagelijkse opname van een chinchilla is ongeveer 40 tot 60 ml per dier. Hiervoor kunt u het beste een glazen drinkfles met drinknippel gebruiken.
Voeding
Chinchilla’s hebben een gevoelig spijsverteringsstelsel. Het maagdarmstelsel is ingesteld op een aan nutriënten arme, maar een ruwe celstof rijke voeding. Er moet daarom speciaal chinchilla voer gegeven worden, daar zit alles in wat ze nodig hebben. Konijnen- en knaagdierenvoer zijn niet geschikt. Een teveel aan vetten, eiwitten, maar ook licht beschimmeld voer leidt tot acute diarree en in veel gevallen zelfs tot de dood.
Groente en fruit moeten mondjesmaat gegeven worden. Ze mogen alleen soorten hebben die weinig vocht bevatten zoals appel en bramen.
Zonnepitten, pinda’s, sla- en koolsoorten mogen nooit gegeven worden. Als aanvulling op het basisvoer kunt u elke dag een goede kwaliteit hooi geven.
Hanteren
Als u de chinchilla moet vangen kunt u hem het beste stevig aan de staartwortel vasthouden terwijl u met de andere hand het dier ondersteunt.
Geslachtsonderscheid
Het geslacht kunt u zien aan de afstand tussen de geslachtsopening en de anus. Bij mannetjes is deze groter dan bij vrouwtjes.
Voortplanting
Chinchilla mannetjes zijn vanaf een leeftijd van 5 a 6 maanden leeftijd vruchtbaar en de vrouwtjes vanaf een leeftijd van 7 a 8 maanden. Voor de dekking moet het vrouwtje minimaal 9 maanden oud zijn en het liefst wat ouder zodat ze voldoende uitgegroeid is. Eens per 30 dagen is ze bereidt tot paren, dit duurt ongeveer 3 tot 5 dagen. De dracht duurt gemiddeld 111 dagen, ze krijgt dan 1 tot 3 jongen per worp.
Chinchilla’s zijn nestvlieders, ze komen behaard ter wereld, de oogjes zijn al open en ze kunnen al lopen.
Het mannetje kunt u gewoon bij de moeder en de jongen laten. Na ongeveer 8 weken zijn ze zelfstandig genoeg en kunnen ze weg bij de moeder.
- GESLACHTSRIJP: Mannetje: 5 a 6 maanden, Vrouwtje: 7 a 8 maanden
- FOKRIJP: minimaal 9 maanden
- DRAAGTIJD: 111 dagen
- WORPGROOTTE: 1 tot 3 jongen
- JONGEN ZIJN: nestvlieders
- SPEENLEEFTIJD: 8 weken
- GEMIDDELDE LEEFTIJD: 15 jaar
- HUISVESTING: 2 of meerdere
- VOEDING: chinchillavoer
Openingstijden
Dinsdag 9.00 tot 19.00 uur
Woensdag 9.00 tot 19.00 uur
Donderdag 9.00 tot 19.00 uur
Vrijdag 9.00 tot 19.00 uur
Zaterdag 16.30 tot 17.00 uur
Zaterdag is inloopspreekuur
Maandag t/m Vrijdag
behandeling volgens afspraak